Gunnar en Arnfinn Fenes

Zo vader zo zoon

vesteralen zomer

"Wij zijn net aardappels, je kunt ons overal voor gebruiken"

Mijn reis naar het Offersøy Feriesenter duurt lang, heel lang. Niet zozeer door de afstand die ik moet afleggen maar omdat ik steeds maar weer op de rem trap om de omgeving vast te leggen. De lucht is strakblauw en, oh wat is Noorwegen mooi! Veel later dan mijn bedoeling is, kom ik aan in Offersøy, het zuidelijkste puntje van het grootste eiland van het vasteland van Noorwegen, Hinnøya. Geografisch gezien ligt het op de grens van de Vesterålen en de Lofoten. Bij welke eilandengroep Offersøy behoort? Dat ligt er maar aan wie je die vraag stelt...

Ik heb een afspraak met de eigenaren van Offersøy Feriesenter, vader Arnfin (64) en zoon Gunnar (39) Fenes. Samen zorgen zij ervoor dat het hun gasten aan niets ontbreekt. Het centrum, de huisjes, de kampeerplaatsen en appartementen zijn het levenswerk van vader Arnfinn. Sterker nog, Arnfinn heeft het mede mogelijk gemaakt dat toeristen naar deze plek toe kunnen komen. Hoe dat zit legt deze vriendelijke, praatgrage eigenaar en duizendpoot graag uit. Nadat zoon Gunnar ons voorzien heeft van een grote mok koffie begint Arnfinn te vertellen: “Vroeger, vanaf 1600, was Offersøy een handelscentrum en vissersplek. Van januari tot april kwamen hier jaarlijks zo’n 10.000 mensen op kabeljauw vissen. Er was nog geen weg aangelegd en mensen waren vaak dagen onderweg om hier te komen. Had je geen eigen boot, dan nam je de veerboot. Jaren later, in 1949, begon mijn vader hier een winkeltje met proviand. Naast winkelier was hij ook postbode en bracht de post rond met de expeditieboot, de MS Skogøy. Deze expeditieboot wordt nu in ere hersteld.”

De tweede mok koffie wordt ingeschonken, het tweede gedeelte van het verhaal begint. “Nu kom ik in beeld”, vertelt Arnfinn lachend, “want na mijn schooltijd werd ik wegenbouwer en hielp mee de weg hiernaartoe aan te leggen. In 1977 was de weg klaar en van heinde en verre kwamen mensen naar Offersøy. Het ooit zo rustige puntje van Hinnøya was in trek. Maar al die mensen misten een plek om te eten en slapen. Het leek me meer dan logisch: er moest hier een goed verblijf komen.”

Zo gezegd, zo gedaan. In 1982 opende Arnfinn met zijn vrouw het Offersøy Feriesenter. “Vanaf dag één was het een succes. Mijn vader runde nog steeds zijn winkeltje, mijn vrouw en ik deden alles zelf. Ik zie onszelf als aardappels, je kunt ons overal voor gebruiken! We kookten, regelden feesten, waren gids. Ook was ik barman. In de weekenden boekte ik muzikanten en was het hier afgeladen. Tot laat in de nacht werd er gedanst, gefeest en vooral gedronken. De huisjes zaten altijd vol. Eerst alleen met Noren, maar later kwamen er ook toeristen uit andere landen. Met de feesten, de bands en het bier zijn we opgehouden. Zie je mijn grijze haren?” wijst Arnfinn. “Die heb ik aan die tijd overgehouden”, lacht hij.

Sinds de jaren negentig hebben de feestbeesten dus plaatsgemaakt voor natuurliefhebbers, fietsers, kanoërs en vissers. “Vanaf deze plek kun je mooie uitstapjes maken naar Lødingen en Sortland op de Vesterålen en naar Harstad en Narvik op de Lofoten. De mensen die hier komen hebben oog voor schoonheid.”

Gunnar heeft er al die tijd stilletjes bijgezeten. Het is duidelijk, paps is de prater. Maar als ik de vraag stel waarom hij heeft besloten in de voetsporen van zijn vader te treden, wil hij dat best met me delen: “Eigenlijk was me dat al duidelijk toen ik zeven jaar was. Op school werd een interview gehouden voor de schoolkrant. Er werd gevraagd wat ik wilde worden. Mijn antwoord: Ik wil net zo worden als mijn vader, ik neem het Feriesenter over. Na mijn middelbare school ben ik vertrokken om naar de koksschool te gaan en ben ik, getrouwd en wel, in 2012 teruggekomen naar Offersøy. Nu ben ik dezelfde duizendpoot als mijn vader; ik kook, sta achter de receptie en ben gids tijdens het vissen.”

Ondertussen heeft Gunnar twee dochters. “Mijn oudste, de 11-jarige Natalie, had laatst een interview op school. Haar werd gevraagd wat ze later zou willen worden. Haar antwoord: Ik wil net zo worden als mijn vader, ik neem het Feriesenter over.” Aan de gezichtsuitdrukking van de twee heren is dit het antwoord waar ze op gehoopt hadden.

Praktisch
Meer informatie over reizen met Voigt Travel